Selfies nemen bijbelse proporties aan


Blog / vrijdag, juli 20th, 2018

Mensen die voortdurend foto’s van zichzelf maken. Op vakantie in Portugal werd ik er op elke straathoek weer mee geconfronteerd. Ben ik de enige die zich hierover verbaast? Is het een generatieding? Gelukkig sta ik niet alleen. Ook Hendrik, de hoofdpersoon in De uitverkorene, slaat de verselfisering van de wereld met verbazing gade:

‘Terwijl Cas en Dorien gezeten op een grote steen vlak bij de ijscokar genieten van hun ijsje, observeert Hendrik een aantal meisjes die verderop hun hoofden dicht bij elkaar hebben gebracht en nu in koor ‘cheeeese’ roepen tegen de smartphone aan het uiteinde van de selfiestick. Gniffelend bekijken ze de foto. Kennelijk voldoet die niet aan hun verwachtingen, want het ritueel herhaalt zich. Een van de meisjes pakt vervolgens de telefoon en begint met haar duimen druk te typen. Hendrik weet wat ze aan het doen is. Over enkele seconden weet de wereld via Twitter, Facebook en Instagram waar de achterhoofden van de meisjes zojuist naar hebben gekeken: een tijger die luiert in de zon.
Wat een zelfverheerlijking, al die selfies! Het liefst had Hendrik de telefoon uit hun handen gerukt en de meisjes hardhandig omgedraaid, met hun gezichten naar de tralies. Kijk naar die tijger! Dit is een die-ren-tuin, hier kom je naar dieren kijken! Naar jezelf kijken doe je ’s ochtends in de badkamer!
De meisjes zijn niet de enige bezoekers die meer aandacht hebben voor zichzelf dan voor de dieren. De selfiemanie is overal en is ook doorgedrongen tot de wat oudere bezoekers. Het is niet de eerste keer dat Hendrik dit signaleert, wel dringt voor het eerst de ware betekenis van deze buitensporige zelfbewondering tot hem door. Het is de finale van het ik-tijdperk, waarin iedereen voortdurend alleen nog maar met zichzelf bezig is. Het individu is definitief op het hoogste podium gehesen, het ego staat vol in de spotlights, etaleert de opgeleukte versie voortdurend aan de wereld. Het is niet: kijk eens wat een mooie tijger, maar: kijk mij eens supergezellig in de dierentuin zijn. De vakantiefoto is gedegradeerd tot een zelfportret. De achtergrond wisselt weliswaar, maar het onderwerp is steeds hetzelfde: IK.
Wat een verwaandheid! Wat een hoogmoed! Wat een misplaatste trots! Hendrik weet dat hier weinig goeds van kan komen. Hoogmoed – superbia – is de grootste van de zeven hoofdzonden. Trots komt vóór de ondergang, en hoogmoed komt vóór de val, waarschuwt Spreuken 16:18 niet voor niets. De doorgeschoten zelfverheerlijking kan niets anders betekenen dan dat het einde der tijden nabij is en dat de wereld zich nu bevindt in ‘De ontaarding in de laatste dagen’, waarover Paulus profeteert in 2 Timotheüs 3: En weet dat in de laatste dagen zware tijden zullen aanbreken, want de mensen zullen liefhebbers zijn van zichzelf, hoogmoedig, verwaand.
Het lijdt geen twijfel dat Armageddon, de eindtijd die uitmondt in de wederkomst van Jezus Christus en het Laatste Oordeel, aanstaande is.’