
Het is mij tot nu toe gelukt om voor elk van mijn boeken een uitgever te vinden. Maar dat was vaak wel een flinke zoektocht, waarbij de meeste aangeschreven uitgevers niet eens het fatsoen hadden om te antwoorden. Omdat ik dit vernederende geleur zat ben, overweeg ik ernstig om het voortaan anders aan te pakken, door van mijn volgende boek pakweg vijftig exemplaren te laten drukken en die vervolgens gratis weg te geven aan vrienden en kennissen. Het mooie is dat ik hiermee feitelijk terugkeer naar de oorsprong van het boek, naar de tijd van de Grieken en de Romeinen om precies te zijn. Boeken waren toen namelijk nog geen commercieel product en er bestonden dus ook geen uitgevers en boekhandels.
Als een Romein een boek had geschreven, liet hij het door zijn slaven (oeps, ik bedoel natuurlijk slaafgemaakten) kopiëren (handmatig, want de drukpers kwam pas in de vijftiende eeuw). Vervolgens gaf hij de kopieën – aanvankelijk op papyrusrollen, later als codex (boekvorm met pagina’s) – gratis weg aan vrienden en kennissen. Het enige verschil met mijn aanpak is dat ik het kopiëren niet handmatig door slaafgemaakten zal laten doen, maar machinaal door een drukker (of drukkergemaakte). Het komt in wezen op hetzelfde neer: van een manuscript meerdere versies laten maken. Ook qua financiën is er geen wezenlijk verschil: zoals het houden van kopieerslaafgemaakten geld kostte (eten, onderdak, zorg), is ook een drukker niet bepaald gratis.
Maar zo verdien je er toch niks aan, hoor ik u zeggen. Klopt, maar met boeken verdien je sowieso geen reet, bovendien heb ik altijd puur voor mijn lol geschreven en niet voor het geld. Deep down ben ik dus altijd al een Romein geweest.


